Als ouder word je daar moe van. En misschien ook een beetje onzeker: doe ik dit goed? Moet ik dit anders aanpakken? In dit artikel leg ik uit waarom kinderen de schuld bij een ander leggen, wat er achter dat gedrag zit, en wat jij concreet kunt doen.
Waarom legt je kind de schuld altijd bij een ander?
Kinderen die structureel naar anderen wijzen, doen dat bijna nooit met opzet of uit kwaadwilligheid. Er zit iets anders achter.
De meest voorkomende reden is onzekerheid. Als een kind diep van binnen twijfelt aan zichzelf aan of het goed genoeg is, of het erbij hoort dan voelt een fout als een bevestiging van die angst. Door de schuld buiten zichzelf te leggen, beschermt het kind zichzelf. Het is een overlevingsstrategie, geen bewuste keuze.
Een andere reden is een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Sommige kinderen zijn heel gevoelig voor wat eerlijk is en wat niet. Als zij vinden dat ze onrechtvaardig behandeld worden, ook al klopt dat niet helemaal, dan is de boosheid en de externe beschuldiging een directe reactie daarop.
Daarnaast speelt emotieregulatie een rol. Kinderen die moeite hebben met het reguleren van hun emoties, kunnen in een heftige situatie niet rustig terugkijken op hun eigen gedrag. Ze zijn overweldigd door de emotie van het moment, en dan is de ander de logische boosdoener.
Tot slot: kinderen leren ook van wat ze om zich heen zien. Als thuis of op school schuldvragen snel worden opgelost door te wijzen naar wie het begon, dan leren kinderen dat dit de manier is.
Wat werkt niet?
Voordat je ingrijpt, is het goed om te weten wat averechts werkt, want de meest voor de hand liggende reacties helpen vaak niet.
Discussiëren over wie begon werkt niet. Zodra jij ingaat op het verhaal van je kind over de ander, ben je in een spel gestapt dat je niet kunt winnen. Je kind weet precies hoe het zijn kant van het verhaal moet vertellen.
Straffen zonder gesprek helpt op de korte termijn misschien de rust te herstellen, maar lost niets op. Het kind leert alleen dat boosheid en straf samengaan , niet dat het anders kan.
Elke keer hetzelfde zeggen (“Maar jij deed ook mee!”) gaat het kind niet overtuigen. Herhaling werkt pas als er iets verandert in de aanpak.
Wat kun je wél doen?
1. Benoem het gevoel eerst
Voordat je iets zegt over het gedrag, benoem je eerst wat je ziet. “Ik zie dat je boos bent.” Of: “Het lijkt alsof je je oneerlijk behandeld voelt.” Dat opent een deur. Je kind hoeft zich niet meer te verdedigen.
2. Stel vragen in plaats van oordelen
Vraag niet: “Waarom deed jij dat?” , dat roept verdediging op. Vraag liever: “Wat gebeurde er vlak voordat het misging?” of “Wat wilde jij op dat moment?” Zo help je je kind langzaam terugkijken op het eigen aandeel, zonder het te beschuldigen.
3. Hou de focus op je kind, niet op de ander
Wat de ander deed, is voor dit gesprek niet relevant. Dat mag je ook zeggen: “Ik hoor wat jouw broer deed. Maar nu wil ik het even met jou hebben over jouw keuze.” Rustig, zonder verwijt.
4. Benoem klein eigen aandeel zonder dramatiseren
Als je kind één klein moment van eigen aandeel erkent, maak daar dan veel van. “Goed dat je dat zegt. Dat is al heel wat.” Kinderen die gewend zijn de schuld buiten zichzelf te leggen, hebben kleine overwinningen nodig om te leren dat toegeven veilig is.
5. Maak het veilig om toe te geven
De diepste oorzaak van schuld-buitenleggen is vaak dat het kind bang is voor de reactie. Zorg dat je kind weet: als hij iets toegeeft, volgt er geen straf of afwijzing. Dat bouw je op over tijd, niet in één gesprek.
Wat als het gedrag aanhoudt?
Als je kind structureel, over maanden de schuld bij anderen legt, en er zijn ook andere signalen zoals veel boosheid, moeite met vriendjes of onzekerheid over zichzelf, dan is het goed om dat serieus te nemen. Niet omdat er iets ‘mis’ is met je kind, maar omdat het kind dan hulp kan gebruiken om dit patroon te doorbreken.
Een kinderpsycholoog of begeleider kan helpen om de onderliggende onzekerheid aan te pakken en ouders handvatten geven voor thuis.
Veelgestelde vragen
Waarom geeft mijn kind altijd de ander de schuld? Kinderen die structureel naar anderen wijzen, doen dit bijna altijd vanuit onzekerheid of een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Het is een manier om zichzelf te beschermen, niet bewuste manipulatie.
Hoe leer je een kind verantwoordelijkheid te nemen? Door vragen te stellen in plaats van te beschuldigen, het gevoel eerst te benoemen, en het veilig te maken om fouten toe te geven. Kleine stappen tellen, verwacht geen grote omslag in één gesprek.
Moet ik uitzoeken wie er begonnen is? Nee, dat is bijna altijd een doodlopende weg. Focus je op het gedrag van je eigen kind en laat de ander even buiten het gesprek.
Wat als mijn kind nooit toegeeft dat hij ook iets deed? Dat is een teken dat toegeven voor dit kind nog niet veilig voelt. Bouw dat vertrouwen op in kleine momenten, buiten de conflictsituatie om. Als het patroon hardnekkig is, overweeg dan professionele begeleiding.
Helpt straffen als een kind de schuld altijd bij een ander legt? Straffen zonder gesprek helpt weinig. Het kind leert zo niet om anders naar zichzelf te kijken. Verbinding en rustige reflectie werken beter op de lange termijn.
Klaar om verder te gaan?
👉 Download gratis: E-book 25 weetjes om boze kinderen beter te begrijpen
🎥 Volg het gratis webinar: Minder Boos, Meer Zelfvertrouwen
🧰 Start met de Toolbox Boos: De 5 tools die Sander dagelijks inzet
🎓 Programma: Minder Boos Meer Zelfvertrouwen
📞 Liever persoonlijk advies? Plan een gratis belafspraak
Lees ook:

